© Pexels, Michal Petras

We trekken er massaal op uit, altijd op zoek naar de snelste en goedkoopste weg naar onze vakantiebestemming. De enorme hoeveelheid CO₂ die die extra vlucht de atmosfeer in jaagt, lijkt ons daarbij nauwelijks te deren. Toch groeit het bewustzijn: kan het ook anders, zonder dat het klimaat de volledige rekening betaalt? En zijn de zogenaamde carbon credits de oplossing?

Consumenten trekken er massaal op uit, altijd op zoek naar de snelste en goedkoopste weg naar hun vakantiebestemming. Maar een vliegtuigticket naar de zon kost soms minder dan een gemiddelde lunch. In maart 2024 werd KLM door de rechter veroordeeld voor misleidende duurzaamheidsclaims, en nieuwe Europese regels verbieden binnenkort vage termen als 'CO₂-neutraal' als die enkel op compensatie rusten. Maar kan het ook zonder dat het klimaat de volledige rekening betaalt?

Een carbon credit vertegenwoordigt het verwijderen of verminderen van CO₂ of een gelijkwaardig broeikasgas. Het kernidee is simpel: als je CO₂-uitstoot, kun je die impact compenseren door een project te financieren dat ergens anders dezelfde hoeveelheid CO₂ verwijdert of vermindert.

Voor Margo Tossyn, Mentor Manager bij Debateville en een fervent reiziger, is de afweging tussen prijs en milieu dagelijkse kost. Hoewel ze zich pijnlijk bewust is van de uitstoot die haar vliegreizen veroorzaken, stuit ze in de praktijk op een harde grens: haar portefeuille. "Ik compenseer mijn vluchten tot nu toe niet, omdat de kosten simpelweg te snel oplopen als je dat consequent wilt doen", erkent ze.

Het dilemma van Margo legt een diepere systeemfout bloot. Terwijl een vliegtuigticket naar een verre bestemming soms slechts vijftig euro kost, betaal je voor de trein naar diezelfde plek algauw driehonderd euro. "Mensen zouden sneller iets bijbetalen wanneer het niet enkel gaat om het abstract compenseren van uitstoot, maar je er bijvoorbeeld concreet een boom voor kunt planten", aldus Tossyn. Voor haar ligt de oplossing dan ook bij een actievere overheid die treintickets goedkoper maakt en vliegen duurder, zodat reizigers niet langer uit gemakzucht voor het vliegtuig kiezen.

Groene beloftes

Wat koop je eigenlijk precies wanneer je die extra euro’s voor het klimaat neerlegt? In de kern is een carbon credit een belofte dat er ergens ter wereld één ton CO₂ uit de lucht wordt gehaald, bijvoorbeeld door bomen te planten of uitstoot te voorkomen. Hierbij moet een belangrijk onderscheid gemaakt worden tussen twee verschillende markten. Aan de ene kant is er de gereguleerde markt, waar grote vervuilers onder strikt toezicht van instanties zoals het Europese ETS verplicht betalen voor hun uitstoot. Daarnaast bestaat de vrijwillige carbonmarkt, waar consumenten en bedrijven er zelf voor kunnen kiezen om hun voetafdruk te compenseren. Het is op deze laatste markt dat de meeste reiscompensaties plaatsvinden.

Volgens onderzoeksjournalist Ties Gijzel van Follow the Money en auteur van het boek ‘Wie betaalt mag vervuilen’ werkt dit systeem echter niet altijd hoe het hoort. Hij verwijst naar wetenschappelijke studies waaruit blijkt dat het overgrote deel van de carbon credits het gewenste doel simpelweg niet bereikt. "We moeten terug naar de tekentafel", stelt hij resoluut.

De theoretische twijfels over deze markt krijgen in Tanzania een heel concreet gezicht. Seleman Wilson, student milieuwetenschappen aan de Universiteit van Moshi, ziet de schaduwkant van dergelijke projecten van dichtbij. Wanneer westerse bedrijven land opeisen om bomen te planten, ontstaan er volgens hem vaak felle landdisputen waarbij mensenrechten worden geschonden. Mensen worden bijvoorbeeld verjaagd van een stuk land voor een project. “Zo ontstaan conflicten waarbij mensenrechten geschonden worden”, zegt Seleman. Daarnaast stelt Wilson dat de onderlinge concurrentie tussen projecten ervoor zorgt dat de lokale gemeenschap vaak aan het kortste eind trekt.

Ties Gijzel vult dit aan met schrijnende voorbeelden waarbij rangers worden ingehuurd om herbebossingsprojecten te bewaken. Het gevolg is dat de lokale bevolking letterlijk van hun eigen land wordt verdreven. Hoewel de Tanzaniaanse overheid probeert om de bevolking via ngo's te informeren, blijkt dit in de praktijk verre van evident.

Controle tot in de wortels

Hoe zorg je er dan voor dat de euro van Margo niet leidt tot het drama van Seleman? Lies Syryn, Operations Manager bij Go Forest, gelooft dat de sleutel ligt in een goede interne controle waarbij mogelijke samenwerkingspartners volledig worden doorgelicht voordat er een mogelijke samenwerking plaatsvindt. Go Forest heeft een brede waaier aan projecten in hun portfolio; zo hebben ze naast carbon-creditprojecten ook projecten op de niet-gecertificeerde markt. Al gaat de voorkeur van Syryn uit naar die laatste. In de niet-gecertificeerde markt gaat er meer geld rechtstreeks naar het project zelf, in plaats van naar grote certificeringsstandaarden zoals Verra of The Gold Standard, legt ze uit.

Daarnaast is de reductie van CO₂ belangrijk volgens Syryn en zou dat de eerste taak moeten zijn in plaats van het compenseren van de uitstoot. Die impact gaat volgens haar verder dan louter CO₂ capteren op het terrein en is nagenoeg hetzelfde, mits er een ijzersterke due diligence (gepaste zorgvuldigheid, waarbij je eerst grondig onderzoek doet voordat je al dan niet een contract sluit of een overeenkomst aangaat met een andere partij, red.) wordt uitgevoerd. Go Forest onderwerpt lokale partners daarom aan een meervoudige interne controle, waarbij de structuren en de voordelen voor zowel de organisatie als de gemeenschap nauwgezet worden onderzocht. Zo wordt gegarandeerd dat projecten daadwerkelijk jobs creëren en geen mensenrechtenschendingen veroorzaken. Als extra veiligheidsnet bezoekt Go Forest de projecten ook twee tot drie keer per jaar fysiek om controles op het terrein uit te voeren.

Toch erkent ook Syryn dat er een fundamenteel probleem blijft bestaan: het gebrek aan centrale controle op de vrijwillige markt. Waar het Kyoto Protocol ooit strenge voorwaarden schiep voor de gereguleerde markt, schiet de huidige Europese regelgeving voor de vrijwillige markt nog tekort. Instanties zoals Verra proberen dit gat weliswaar te dichten met complexe certificeringsprocedures, maar volgens Syryn blijft een breder wettelijk kader noodzakelijk.

Aan het eind van de rit blijft de verantwoordelijkheid verdeeld. Volgens Margo Tossyn ligt de bal nu vooral bij de grote instanties om burgers beter te informeren en positief gedrag te stimuleren. De horizon heeft een prijs, maar die prijs is veel complexer dan een simpel groen vinkje bij de aankoop van een vliegtuigticket.

vorige